Lepelaar

Leppelbek - Lepelaar - Platalea leucorodia
Leppelbek
Lepelaar
Platalea leucorodia
Lauwersmeer
langs Zoutkamperril
24-6-2010
>>>
















kenmerken:
* wit, zwarte platte brede spatelvormige snavel met geel uiteinde
* geel-oranjeachtige borstband en lange afhangende veren op het achterhoofd in de zomer
* onvolwassen vogels met zwarte vleugeltoppen en vleeskleurige snavel
* 80-93 cm, vleugelspanwijdte 115-135 cm

nest:
* in rietvelden en kwelders op de grond, in struiken en bomen
* maart-juli, 3-5 dofwitte eieren met bruine vlekken, 1 legsel per jaar
* broedduur 25 dagen
* vliegvlug na 7 weken
* geslachtsrijp na 3-4 jaar

voedsel:
* kleine waterorganismen, amfibieën, libellenlarven, garnalen, slakken, insecten, wormen
* visjes, stekelbaars, platvisjes
* soms plantendelen

bijzonderheden:
* trekvogel, overwintert langs de West-Afrikaanse kust en ten zuiden van de Sahara
* vliegt met gestrekte hals
* broedt in gemengde kolonies
* maakt in het water een maaiende beweging om voedsel te zoeken
* op natte plaatsen, op eilanden, kwelders, in moerassen, duinvalleien, wadden
* in Europa, delen van Azië, Noord-Afrika
* vijanden, vos

familie:
* Threskiornithidae
* Ibissen en Lepelaars

namen:
* Frans: Spatule blanche

Nederland:
* algemeen

lijkt op:
Grote Zilverreiger, maar die heeft geen platte snavel en vliegt met ingetrokken hals
Kleine Zilverreiger, maar die heeft geen platte snavel, vliegt met ingetrokken hals en is kleiner
Koereiger, maar die heeft geen platte snavel, heeft een gedrongen lichaam en is veel kleiner

weetjes:
* Een gedeelte van de broedende lepelaars op de Waddeneilanden overwintert in West-Afrika, een afstand van 5.000 km. Maar door klimaatverandering, de lepelaar wil ijsvrij voedsel zoeken, gaan er steeds meer lepelaars naar Spanje, slechts 2.000 km vliegen. (2015)

* Mannetjes en wijfjes wisselen elkaar af bij het broeden op het ritme van het getij of dag/nacht. Dus zitten alle mannetjes op de nesten en zijn de wijfjes aan het foerageren of andersom. (2005)

* De Lepelaar hoort in Nederland. Er werden in een nederzetting van 580 voor Chr al lepelaarsbotten aangetroffen. Ze waren zo talrijk, dat mensen veelvuldig eieren en jonge lepelaars opaten. Mede door inpoldering en vervuiling van het milieu waren er in 1968 van de duizenden broedparen slechts 150 paar over. Na tal van maatregelen groeit de populatie weer en broedden er in 2004 bijna 1700 paren. (2005)

meer foto's:
Lepelaar
Ingezonden