Ljurk
Veldleeuwerik
Alauda arvensis
Freiburg, Duitsland
in polder aan Elbe
18-3-2010
>>>
oudere foto's:
*
| eierverzameling (1965) |
kenmerken:
* lichtbruin gevlekt, donkerbruin gevlekte kop met korte kuif
* licht geelbruine borst met strepen
* wit gezoomde vleugels en staart
* 16-19 cm, vleugelspanwijdte 30-36 cm
nest:
* op de grond
* broedtijd vanaf maart, 2-7 lichte gele, bruine of grijze gevlekte eieren, 2-3 legsels per jaar
* broedduur ca 2 weken
* vliegvlug na 10 dagen
voedsel:
* insecten, rupsen, larven, kevers, regenwormen, granen, zaden
bijzonderheden:
* trekvogel
* maakt een spectaculaire zangvlucht
* in heiden, duinen, graslanden, akkers
* in Europa, Noord-Afrika, Azië, Australië, Nieuw-Zeeland
familie:
* Alaudidae
* Leeuweriken
namen:
* Deens: Sanglærke
* Duits: Feldlerche
* Frans: Alouette des champs
Nederland:
* algemeen
lijkt op:
* Boomleeuwerik, maar die heeft een roomkleurige onderzijde en is iets kleiner
* Boompieper, maar die heeft geen kuifje op de kop en is iets kleiner
* Graspieper, maar die heeft geen kuifje op de kop
* Kuifleeuwerik, maar die heeft een grotere kuif en geelbruine buiten-staartpennen
weetjes:
* Zo'n 40 tot 50 jaar geleden was de veldleeuwerik één van de meest verspreide en talrijkste vogels van ons land, met 500.000-750.000 broedparen. In 2015 waren dat er nog maar zo'n 35.000 tot 45.000. (2023)
* Op de zangvlucht van het mannetje van de veldleeuwerik begint hij na het stijgen van een paar meter te zingen. Dan, al zingend, schroeft hij in steeds kleiner wordende spiralen tot vele honderden meters hoger en blijft daar hangen met gespreide vleugels en staart. Langzaam laat hij zich weer zakken en gaat steeds minder zingen, tot het op zo'n 10 tot 15 mtr helemaal stopt en hij snel op de grond weer verdwijnt in het gras. ( 2023)
meer foto's:
* Veldleeuwerik